Wetenschappelijk onderzoek op het gebied van Autisme

Alle kinderen en jongeren die bij ons aankloppen moeten de allerbeste zorg krijgen. Tegen een scherpe prijs. Dat kan alleen als je vernieuwt, met behoud van het goede. Wij kijken niet alleen of een behandeling verantwoord is, maar ook welke behandeling het meest effectief is, in relatie tot de inspanningen.

Een overzicht van de lopende onderzoeken Sarr Expertisecentrum Autisme

 
 

Wietske A. Ester, MD, PhD

Child- and adolescent psychiatrist

Sarr Expert Center for Autism

Lucertis Child and Adolescent Psychiatry

Parnassia Psychiatric Institute, Rotterdam, The Netherlands

w.ester@lucertis.nl

Biography

Wietske Ester studied medical biology (MSc 1997) and medicine (MD 2002) at the University of Amsterdam and genetic epidemiology at Erasmus University Rotterdam (MSc 2005). She conducted her PhD thesis “Genetic and environmental factors in pre- and postnatal growth disorders. Studies in children born small for gestational age (SGA), with and without postnatal short stature” at the ErasmusMC-Sophia Children’s Hospital in Rotterdam (PhD graduation 2009). She worked in pediatrics and clinical genetics and was trained in general psychiatry at the Parnassia Group and child- and adolescent psychiatry at De Jutters in The Hague. During her psychiatry residency she performed research at the Mailman School of Public Health at Columbia University, NYC. From 2014 onwards she started autism research at the Sarr Expert Center for Autism at Lucertis Child and Adolescent Psychiatry of the Parnassia Psychiatric Institute, Rotterdam, The Netherlands. From 2015 onwards she works as a child- and adolescent psychiatrist at the Sarr out-patient clinic for children with autism spectrum disorders, and as a scientist into autism research.
 

Research interests

Wietske Ester focuses her research on biological and epidemiological psychiatry and specifically autism. She supervises PhD students working on the Zon-MW/REACH-AUT project concerning transitions in education. In this context she also teaches municipal child health physicians in autism early detection through an online school. From 2012 onwards, she is involved in a collaboration with the Generation R study regarding psychiatric epidemiology. Her latest project involves distress in caregivers and children with autism in which Theraplay will be investigated.
 

Publications

  1. Ester, W. & Houghton, L., Lumey, L., Michels, K., Hoek, H., Wei, Y., Susser, E., Cohn, B., Terry, M. (2016) Maternal and early childhood determinants of women’s body size in midlife: overall cohort and sibling analyses. Am J Epidemiol, in press.
  2. Houghton, L. & Ester, W., Lumey, L., Michels, K., Wei, Y., Cohn, B., Susser, E., Terry, M. (2016) Maternal weight gain in excess of pregnancy guidelines is related to daughters being overweight 40 years later. Am J Obstet Gynecol, Aug; 2015(2):246.e1-8.
  3. Manenschijn, L., van den Akker, E.L., Ester, W.A., Leunissen, R.W., Willemsen, R.H., van Rossum, E.F., Koper, J.W., Lamberts, S.W., Hokken-Koelega, A.C. (2010) Glucocorticoid receptor gene haplotypes are not associated with birth anthropometry, blood pressure, glucose and insulin concentrations, and body composition in subjects born small for gestational age. Eur J Endocrinol. Dec;163(6):911-8.
  4. Ester, W.A., de Wit, C.C., Broekman, A.J., Ruivenkamp, C.A.L., Govaerts, L.C.P., Wit, J.M., Hokken-Koelega, A.C.S., Losekoot, M. (2009) Two novel short SGA cases with IGF1R haploinsufficiency illustrate the heterogeneity of its phenotype. Journal of Clinical Endocrinology and Metabolism, Dec; 94(12):4717-27.
  5. van der Kaay, D., Deal, C., de Kort, S., Willemsen, R., Leunissen, R., Ester, W., Paquette, J., van Doorn, J., Hokken-Koelega, A. (2009) Insulin-like growth factor-binding protein-1: serum levels, promoter polymorphism, and associations with components of the metabolic syndrome in short subjects born small for gestational age. J Clin Endocrinol Metab. Apr; 94(4):1386-92.
  6. Ester, W., van Meurs, J., Arends, N., Uitterlinden, A., Hokken-Koelega, A. (2009) The -G1245A IGF1 polymorphism is related with small head size and less brain sparing in small for gestational age born children. Eur. J. Endocrinol., Apr; 160(4):549-55.
  7. Ester, W.A., van Meurs, J.B., Arends, N.J., Uitterlinden, A.G., de Ridder, M.A., Hokken-Koelega, A.C.S. (2009) Birth size, postnatal growth and growth during GH treatment in SGA children: Associations with IGF1 gene polymorphisms and haplotypes? Horm Res. 2009;72(1):15-24.
  8. Van der Kaay, D.C., Hendriks, A.E., Ester, W.A., Leunissen, R.W., Willemsen, R.H., Kort, S.W., Paquette, J.R., Hokken-Koelega, A.C., Deal, C.L. (2008) Genetic and epigenetic variability in the gene for IGFBP-3 (IGFBP3): Correlation with serum IGFBP-3 levels and growth in short children born small for gestational age. Growth Horm IGF Res. Jun;19(3):198-205.
  9. de Kort, S., van Dijk,  M., Willemsen, R.H., Ester, W.A., Viet, L., de Rijke, Y.B., Hokken-Koelega,  A.C.S. (2008) Cardiovascular risk factors in parents of short children born small for gestational age (SGA). Ped. Res. Jul;64(1):91-6.
  10. Ester, W., Bannink, E., van Dijk, M., Willemsen, R., van der Kaay, D., de Ridder, M., Hokken-Koelega, A. (2008) Subclassification of short SGA children in a longitudinal study: Growth patterns and response to GH treatment. Hormone Research 69(2): 89-98.
  11. Tauber, M., Ester, W., Auriol, F., Molinas, C., Fauvel, J., Caliebe, J., Nugent, T., Fryklund, L., Ranke, M.B., Savage, M.O., Clark, A.J.L., Johnston, L.B., Hokken-Koelega, A.C.S., on behalf of the NESTEGG group (2007). GH responsiveness in a large multinational cohort of SGA children with short stature (NESTEGG) is related to the exon 3 GHR polymorphism. Clinical Endocrinology (Oxf) 67(3): 457-461.
  12. Van Rossum, E.F., Feelders, R.A., van den Beld, A.W., Uitterlinden, A.G., Janssen, J.A., Ester, W., Brinkmann, A.O., Grobbee, D.E., de Jong, F.H., Pols, H.A., Koper, J.W., Lamberts, S.W. (2004) Association of the ER22/23EK polymorphism in the glucocorticoid receptor gene with survival and C-reactive protein levels in elderly men. American Journal of Medicine August 1;117(3): 158-162.
  13. Van Rossum, E.F., Koper, J.W., van den Beld, A.W., Uitterlinden, A.G., Arp, P., Ester, W., Janssen, J.A., Brinkmann, A.O., de Jong, F.H., Grobbee, D.E., Pols, H.A., Lamberts, S.W. (2003) Identification of the BclI polymorphism in the glucocorticoid receptor gene: association with sensitivity to glucocorticoids in vivo and body mass index. Clinical Endocrinology (Oxford) November; 59(5): 585-592.
  14. McCormick, J.A., Lyons, V., Jacobson, M.D., Noble, J., Diorio, J., Nyirenda, M., Weaver, S., Ester, W., Yau, J.L., Meaney, M.J., Seckl, J.R., Chapman, K.E. (2000) 5’-Heterogeneity of glucocorticoid receptor messenger RNA is tissue specific: differential regulation of variant transcripts by early-life events. Molecular Endocrinology April; 14(4): 506-517.
     

Invited Reviews:

Ester, W. & Hokken-Koelega, A. (2008) Polymorphisms in the IGF1 and IGF1R gene and children born small for gestational age: Results of large population studies. Best Pract Res Clin Endocrinol Metab. Jun; 22(3):415-31.
 

Proceedings:

  1. Johnston, L.B., Ester, W., Caliebe, J., Molinas, C., Wollmann, H., Fryklund, L., Clark, A.J., Ranke, M.B., Tauber, M., Hokken Koelega, A., Savage, M. (2009) Network of European studies of genes in growth. Proceedings of KIGS/KIMS Meeting. Hormone Research Suppl.2:48-54.
  2. McCormick, J.A., Lyons, V., Noble, J., Ester, W., Meaney, M.J., Seckl, J.R., Chapman, K.E. (1998) Tissue-specific differences in rat glucocorticoid receptor gene transcriptional regulation. Biochemical Society Transactions Aug; 26(3): S207.

 

 
 

Maarten van ’t Hof

Persoonlijke informatie: Onderzoeker, Sarr Expertisecentrum Autisme

Onderzoek  1: De relatie tussen autistische kenmerken en eetproblemen bij jonge kinderen

Onderzoeksvraag: Wat is de relatie tussen autistische kenmerken en eetproblemen bij jonge kinderen?

Achtergrond: Eetproblemen worden bij 25 % van de zich normaal ontwikkelende kinderen gevonden (Lindberg et al. 1991). Gedragingen zoals: kieskeurig eten, moeilijk eten of voedselneofobie (angst voor nieuwe voedingsmiddelen) worden genoemd (Cashdan 1998). Bij 89 % van de kinderen met een autismespectrumstoornis (ASS) worden eetproblemen waargenomen (Ledford & Gast 2006). De aard van de voedingsproblemen bij kinderen met ASS wordt beschreven als bevattende extreme voedsel neofobie, beperkte dieetvariatie, voedselselectiviteit en een neiging tot overgewicht (Marshall et al, 2014). Voedselselectiviteit bij kinderen met ASS is mogelijk het resultaat van de sensorische over responsiviteit voor de smaak, structuur of geur van bepaald eten (Cermak, 2010). Ook het rigide gedrag dat kenmerkend is voor ASS is een mogelijke oorzaak van eetproblemen bij kinderen met ASS.

Onderzoek: In dit onderzoek wordt de relatie tussen autistische kenmerken en eetproblemen in de kindertijd onderzocht in de Generation-R populatie. Data wordt gebruikt uit de prospectieve cohortstudie Generation-R, uitgevoerd op het Erasmus MC/Sophia kinderziekenhuis. Vragenlijsten zijn afgenomen op 1 ½-, 3-, 4-, 6- en 9-jarige leeftijd. Looptijd: september 2016 - september 2018

Onderzoeksgroep: M. van ’t Hof 1,2, Dr. W. Ester 1, Prof. Dr. W. Hoek 3,4, Prof. Dr. H. Tiemeier 5,6,7

  1. Sarr Expertisecentrum Autisme, afdeling jeugd
  2. The Generation R Study Group, Erasmus University Medical Center, Rotterdam, The Netherlands
  3. Parnassia Groep, Den Haag
  4. Afdeling psychiatrie, Universitair Medisch Centrum Groningen, Rijksuniversiteit Groningen.
  5. Department of Child and Adolescent Psychiatry/Psychology, Erasmus University Medical Center–Sophia Children’s Hospital, Rotterdam, The Netherlands
  6. Department of Psychiatry, Erasmus University Medical Center, Rotterdam, The Netherlands
  7. Department of Epidemiology, Erasmus University Medical Center, Rotterdam, The Netherlands

Onderzoek  2: De signalering van autismespectrumstoornissen (ASS) door jeugdartsen en leerkrachten bij kinderen in de leeftijd 4-6 jaar: onderdeel van Academische Werkplaats Autisme Reach-Aut;  projectgroep 4 ‘Transities in het onderwijs’.

Doel: Het doel van het onderzoek is om het effect van de live online cursussen; Signalering van ASS bij kinderen in de leeftijd 4-6 jaar voor jeugdartsen en signalering van ASS bij kinderen in groep 1 en 2 voor leerkrachten te onderzoeken.

Achtergrond: De transitie van voorschoolse opvang naar het basisonderwijs kan een ingewikkelde periode zijn voor kinderen met een autismespectrumstoornis (ASS). Doordat er in deze periode nieuwe eisen aan een kind worden gesteld kunnen beperkingen in functioneren en presteren sneller opvallen dan in de voorschoolse periode. De signalering van mogelijke ASS-signalen vindt voornamelijk plaats bij ouders, op school en bij het Centrum voor Jeugd en Gezin.
Jeugdartsen en leerkrachten hebben beperkte kennis van ASS en beperkte instrumenten om een vermoeden te toetsen. Scholing is nodig om de signalerende taak te optimaliseren. Het meeste onderzoek richt zich op het verhogen van de vroegdetectie van ASS bij kinderen van 0-3 jaar en deze laten positieve resultaten zien. Er is echter minder aandacht voor de signalering van ASS door jeugdartsen bij kinderen in de leeftijd van 4-6 jaar.

Onderzoek: Een totaal van 96 jeugdartsen uit de regio Rotterdam zal deelnemen aan het onderzoek naar de jeugdartsenmodule. Een nog onbekend aantal leerkrachten uit groep 1 en 2 zal deelnemen aan het onderzoek naar de leerkrachtenmodule.
De cursussen worden aangeboden via een online klaslokaal (Live Online Learning). De focus en inhoud van de cursus zijn ontwikkeld door middel van een samenwerking tussen drie actoren; wetenschap, praktijk (jeugdartsen, leerkrachten en ASS-deskundigen) en ervaringsdeskundigen uit de regio’s Rijnmond, Waterland en Midden Kennemerland en Den Haag.

De primaire uitkomstmaat is de kennis over ASS en over de signalen van ASS. De secundaire uitkomstmaten zijn; het aantal ASS gerelateerde doorverwijzingen, de houding ten opzichte van de geesteszieken (CAMI), de competentiebeleving en de tevredenheid over de cursus.

Docenten jeugdartsen module: M. Reusens, kinder- en jeugdpsychiater, Expertisecentrum 0-6 jaar Lucertis, Rotterdam en W.A. Ester, kinder- en jeugdpsychiater, Sarr Expertisecentrum Autisme Lucertis, Rotterdam.

Looptijd: augustus 2014 – augustus 2018

Onderzoeksgroep: M. van ‘t Hof 1, J.T. Bailly 1 H.W. Hoek 2,3, W.A. Ester 1,

  1. Sarr Expertisecentrum Autisme, afdeling jeugd, Carnissesingel 51, 3083 JA Rotterdam
  2. Parnassia Groep, Den Haag
  3. Afdeling psychiatrie, Universitair Medisch Centrum Groningen, Rijksuniversiteit Groningen.
 
 

Leanne Dijkstra

Persoonlijke informatie: GZ-psycholoog, Sarr Expertisecentrum Autisme

Onderzoek: De effectiviteit van Theraplay voor kinderen met autisme

Onderzoeksvraag: Is Theraplay een effectieve behandelmethode voor kinderen met ASS?

Achtergrond: Binnen Sarr, Expertisecentrum Autisme van Lucertis willen wij antwoord geven op de vraag of Theraplay een effectieve behandelmethode is voor kinderen met autisme, voor het verminderen van zowel internaliserend als externaliserend probleemgedrag. Tevens zal het effect van Theraplay op autismespecifieke kenmerken worden onderzocht. Daarbij willen we weten of het hebben van een verstandelijke beperking hierop van invloed is. Als laatste zal er gekeken worden of de inzet van Theraplay ten goede komt aan de gehechtheid van het kind, maar ook of dit leidt tot een vermindering in de opvoedingsbelasting bij ouders. Die zijn beide preventieve factoren voor het ontwikkelen van problemen gedurende het leven van het kind (Nicolai, 2001).
Onderzoek: Als onderzoeksopzet is er gekozen voor een randomized controlled trail (RCT). Het onderzoek zal vier onderzoeksgroepen bevatten:

  1. Kinderen met ASS zonder verstandelijke beperking
  2. Kinderen met ASS met verstandelijke beperking
  3. Controlegroep (treatment as usual), kinderen met ASS zonder verstandelijke beperking
  4. Controlegroep (treatment as usual), kinderen met ASS met verstandelijke beperking

Looptijd onderzoek: november 2016 – december 2020

Onderzoeksgroep: Drs. L. Dijkstra – de Neijs, GZ-psycholoog, Drs. I. Van Rijswijk – Toepoel, orthopedagoog, Dr. W. Ester, kinder- en jeugdpsychiater